De ministers en staatssecretarissen uit het kabinet Balkenende IV hebben iets soortgelijks gedaan. Het grote verschil is echter dat er aan het eind van die periode niet zomaar 1-2-3 een beleidsplan lag. Er waren zoveel ideeën, die niet op elkaar waren afgestemd en die bovendien te veel geld kostten. Een flinke breinbreker om dat tot een geheel te smeden: dat werd nachtenlang vergaderen. De oppositie keek laagdunkend naar het gedoe en vond eigenlijk dat die lui gewoon aan het werk moesten. Maar dat ben ik toch niet met ze eens.
Je moet niet als een kip zonder kop maar wat gaan doen en alleen díe dingen oppakken die toevallig op je pad komen. Het is juist heel verstandig eerst goed na te denken over je missie en visie. Maar wat kunnen wij leren van het ‘gehannes’ van onze ministers en staatssecretarissen?
Naar mijn mening straalden ze onvoldoende uit wat ze over vier jaar willen bereiken. De missie was niet duidelijk genoeg. Daarnaast is het van belang een aantal randvoorwaarden goed in beeld te hebben voordat je met allerlei wilde plannen komt. Wat is je budget? Binnen hoeveel tijd moet of wil je iets gerealiseerd hebben? Wie en wat heb je daar voor nodig? En ga zo maar door. Met die gegevens in de hand kun je de marsroute gaan uitzetten en zul je zien dat de achterban zich makkelijker achter je vaandel schaart. En daar is het uiteindelijk toch allemaal om te doen.




